Op zaterdagavond 4 april, de zogenaamde Paaswake, zal in de Kooger Kerk Cantate 4 van Joh Seb Bach klinken met de naam ‘Christ lag in Totesbanden’. Voorganger is dr Koenraad Ouwens, docent in de liturgiewetenschap aan het Oud-Katholiek Seminarie bij de universiteit Utrecht.
Het is één van Bach vroegste composities, waarvan er niet zoveel bewaard zijn gebleven.
Muziek in de Passietijd zijn er te over. We hoeven maar te denken aan de Mattheus Passie en de Johannes Passie die zoveel van Bachs energie en tijd vroegen dat de muziek voor Pasen er blijkbaar een beetje bij inschoot. Daarom is het extra plezierig dat met Cantate 4, ‘Christ lag in Totesbanden’ , een zeer vroeg werk van Bach is nagebleven dat ons in velerlei opzichten verbaast en verblijdt.
De Cantate wordt uitgevoerd door het Bergens Cantatekoor waarbij een viertal solisten de solistische onderdelen zingen onder leiding van Ellen Verburgt. De solisten zijn Sabine Kirsten sopraan, Stephanie Gericke alt, Koen Masteling tenor en Coert van de Berg bas. Bach was zó groot, dat hij de zwakke positie die de tekst ten opzichte van de muziek inneemt opheft. Hij inspireerde de teksten en niet andersom. Hij kon met zijn muziek de teksten datgene laten zeggen waartoe die teksten uit zichzelf niet in staat zijn.
Bach laat de Cantate beginnen met een korte sinfonia voor alleen strijkers; het mineur loopt uit op een majeur afsluiting, die de weg opent naar het navolgende koorstuk. Elk couplet loopt uit op ‘halleluja’ maar in elk couplet anders en steeds passend bij het karakter van de tekst. Het geeft een vreugdevol karakter aan de muziek. Een strijkorkest geeft daar gestalte aan. Het grote Van Dam orgel wordt bespeeld door Jos van der Kooy. Aanvang 21.00 uur
koogerkerk